Dossier

Kwaliteit van ruwvoeder

Wordt de kwaliteit van ruwvoer bepaald door het weer of door u als boer? In het rantsoen vormen FOS (Fermenteerbare Organische Stof) en DVE (Darm Verteerbaar Eiwit) vaak knelpunten, die in de winter met duur krachtvoeder moeten worden bijgestuurd.

DVE is vaak een knelpunt op melkproducerende biologische bedrijven. Aan de andere kant speelt ook de voorziening van ‘veilige’ energie (FOS) in de pens een belangrijke rol om de aanmaak van microbieel eiwit in de pens te bevorderen. In dit dossier worden verschillende factoren gegeven die bepalend zijn voor de ruwvoederkwaliteit.

Beïnvloedingsfactoren voor het maaien

  • Groei van grasklaver is de basis.
  • Kennis over de dynamiek van de kwaliteit van grasklaver over het seizoen geeft inzicht in de te verwachten voederkwaliteit.

Beïnvloedingsfactoren bij maaien, droogkuilen en inkuilen

  • Een paar dagen zon in het gras voor het maaien is niet altijd haalbaar, maar wel wenselijk.
  • Wat betreft het tijdstip van maaien, is ’s middags het suikergehalte het hoogst.
  • De stoppellengte heeft effect op hergroei van gras en klaver en de competitie tussen beide.
  • Maaien met een kneuzer heeft de voorkeur, en bij redelijk weer één keer schudden.
  • Een korte veldperiode is belangrijk.
  • Bij schrale oostenwind kan het schudden achterwegen blijven en kan er wat eerder voor het inkuilen worden geharkt om het product nog wat in het zwad verder te laten drogen.
  • Voorkom natte klissen gras in de kuil, omdat deze vaak de bron vormen van boterzuurhaarden in de kuil.
  • Zeer belangrijk is dat de kuil goed is verdicht en afgesloten, waardoor de melkzuurbacteriën de overhand krijgen in het fermentatieproces. Met 35-50% ds kun je tevreden zijn.

Beïnvloedingsfactoren bij uitkuilen

Grasklaver komt bij het uitkuilen terug in contact met lucht en zo ook met zuurstof. Goed ingekuilde grasklaver kan gaan broeien, zeker bij veel FOS. Broei geeft aanleiding tot veel verliezen. Schimmels gedijen perfect onder deze omstandigheden en kunnen aanleiding geven tot vitaminen- en energieverlies, maar ook tot eiwitafbraak en vorming van mycotoxinen. Reden te meer om het snijvlak klein en mooi gesloten te houden. Snijdende uitkuilapparatuur draagt de voorkeur. Melasse in de kuil heeft vaak een klevend effect wat bij het uitkuilen ook de mogelijkheid tot luchtopname vermindert.

Trefwoorden: ruwvoeder, ruwvoederkwaliteit, FOS, DVE, inkuilen

Contact

Nick van Eekeren, Louis Bolk Instituut, n.vaneekeren@louisbolk.nl, Louis Bolk Instituut