Dossier

Biggensterfte in een biologisch kraamhok

Onderzoek op Praktijkcentrum Raalte laat zien dat een biologisch kraamhok bij voorkeur circa 2,0 m breed is. Het biggennest heeft vloerverwarming, lange flappen en is afsluitbaar. Na het werpen, mag de ruimte fris zijn om de biggen in het nest te lokken. Stro met wat zaagsel op de vloer is goed voor opvang van de biggen. Een extra buis op de vloer vermindert het doodliggen, maar maakt geen verschil in de totale uitval. Snel overleggen, geeft de kleintjes ook een betere kans.

Niet kerende grondbewerking in akkerbouw en vollegrondsgroenteteelt BioKennis

De belangrijkste conclusies en tips uit het onderzoek

Een overzicht van de belangrijkse bevindingen uit de proeven:

  • Er worden minder biggen doodgelegen als het biggennest snel in gebruik wordt genomen.
  • Als de buitenuitloop altijd open is, blijven de hokken schoner.
  • Een kraamhok van 2,4 m breed is schoner dan een hok van 1,7 m.
  • Een ondieper rooster geeft meer bevuiling op een dichte vloer.
  • Een langere dichte vloer geeft geen betere overlevingskansen en geen ander liggedrag.
  • Extra vloerverwarming gedurende 1-2 dagen werkt contraproductief. Het is beter om alleen de eerste 6 uur na het werpen extra te verwarmen.
  • Het ideale kraamhok combineert een smal hok met een voorliggend biggennest en een iets ruimere uitloop, dat ook als biggenopfokhok kan dienen.
  • Extra water kort na het werpen, stimuleert voeropname en melkproductie bij de zeug.
  • Veel stro levert netto geen voordelen op voor de overlevingskansen. Wel is de vochtabsorptie door stro van belang voor een snelle opdroging van het biggennest.
  • Lange flappen houden de warmte beter in het biggennest dan korte flappen en blijken geen belemmering te zijn voor de toegankelijkheid.
  • Een extra buis in de ligruimte vermindert het doodliggen, maar de zwakkere biggen sterven vaak later alsnog.
  • Snel overleggen kan kleine biggen uit grote tomen betere kansen geven.

Trefwoorden: kraamhok, biggensterfte, biggennest

Contact

Herman Vermeer Wageningen UR, herman.vermeer@wur.nl