Nieuws

Lisdodde en wilde rijst alternatieve gewassen in Veenweidegebied

Gepubliceerd op
27 mei 2016

In het kader van het onderzoeksproject Veen, Voer en Verder zijn in mei 2016 naast riet, wilg en miscanthus, ook lisdodde en wilde rijst geplant in een experiment op het Veenweiden Innovatiecentrum in Zegveld. In dit project wordt gezocht naar een alternatief voor grasproductie op landbouwpercelen met een te hoog waterpeil.

Experiment op landbouwpercelen met te hoog waterpeil voor grasproductie

Het VIC Zegveld, Louis Bolk Instituut en Radboud Universiteit Nijmegen onderzoeken de mogelijkheden van deze nieuwe gewassen op landbouwpercelen met een te hoog waterpeil, omdat grasproductie hier moeilijk wordt. Onderzoekers kijken naar teelt, opbrengst, voederwaarde voor melkvee en mogelijkheden voor andere toepassingen zoals onder andere isolatiemateriaal en inhoudsstoffen voor geneesmiddelen.

Om bodemdaling  te voorkomen en de CO2-uitstoot te verminderen, wordt in delen van het veenweidegebied het waterpeil niet meer verlaagd, maar stabiel gehouden of zelfs verhoogd. Hierdoor is het voor melkveehouders moeilijk om voldoende grasproductie van hun weiden te halen. Samen met de sector wordt gezocht naar alternatieve teelten die passen in dit bijzondere gebied en bruikbaar zijn voor de melkveehouderij.  Zo kan de melkveehouderij producent en cultuurdrager blijven in het veenweidegebied. 

Experimenten met nieuwe teelten

Nieuwe teelten zoals lisdodde, wilde rijst, riet, miscanthus en wilg worden nu aangeplant als alternatieven voor grasland op melkveebedrijven. Ook zijn pilots gestart met cranberries en visteelt. Het doel is om economisch rendabele en duurzame teelten te ontwikkelen op de kwetsbare veenweidebodem. In het project Veen, Voer en Verder bekijken de onderzoekers vooral of de nieuwe gewassen teelbaar en inpasbaar zijn in het veenweidegebied, en onder welke voorwaarden ze rendabel ingezet kunnen worden. Ook wordt onderzocht wat het effect is op de waterkwaliteit en het waterbergend vermogen. In kassen van de Radboud Universiteit wordt in speciale waterbaden onderzocht hoe door precisiebemesting de opbrengst en kwaliteit van de nieuwe gewassen verbeterd kunnen worden. Resultaten van dit onderzoek worden vergeleken met soortgelijke experimenten in andere delen van Europa.

Kansen voor nieuw verdienmodel

In het veenweidegebied liggen duidelijke eisen om bodemdaling te stoppen en het watersysteem te verduurzamen (door minder emissies en meer waterbuffering). Het toepassen van nieuwe gewassen in het veenweidegebied past in de trend om anders naar grondgebruik en rendabiliteit van de veenweiden in de melkveehouderij te kijken. Door aanvullende gewassen en hun restproducten te benutten, kunnen veehouders hun bedrijfsvoering op een andere manier rendabel maken. Omdat de teelt van Engels raaigras in deze condities niet haalbaar is, zou de teelt van alternatieve gewassen kunnen leiden tot een nieuw verdienmodel.

Over het project Veen, Voer en Verder

Het onderzoeksproject Veen, Voer en Verder (eind 2015-2018) heeft tot doel inzicht te krijgen in nieuwe, rendabele en duurzame landbouwactiviteiten bij een hoog waterpeil in het veenweidegebied. Daarbij wordt gestreefd naar het stopzetten van de bodemdaling, lagere ammoniakuitstoot, minder verlies van stikstof, aangepast voer en meer kansen voor vogels en biodiversiteit.  Het project wordt gefinancierd door Utrecht-West in het kader van de Agenda Vitaal Platteland, door de Provincie Zuid-Holland in het kader het Systeeminnovatieprogramma en Climate Smart Agriculture (Cinderella) van Radboud Universiteit Nijmegen. De uitvoering is in handen van VIC Zegveld, Louis Bolk Instituut en Radboud Universiteit

Bron: Louis Bolk Instituut

Foto: Aanplant van Lisdodde als alternatieve teelt in het Veenweidegebied (foto: Louis Bolk Instituut 2016)

Contact

Nick van Eekeren, Louis Bolk Instituut, n.vaneekeren@louisbolk.nl